Touwbeheer op de standplaats is de algemene praktijk van het organiseren van het Klimtouw op een multi-pitch standplaats — stapelen, saddlebaggen, identificatie van klim-zijde en zekeraar-zijde, en consistent uitrollen bij volgende lengte. Goed touwbeheer scheelt minuten per standplaats; slecht touwbeheer maakt multi-pitch inefficiënt.

Snel

  • Touw stapelen of Saddlebagtechniek
  • Klim-zijde en zekeraar-zijde duidelijk identificeren
  • Geen wirwar tussen materiaal
  • Bij wissel: bovenste touwlus moet vrij naar nieuwe voorklimmer
  • Consistent toepassen op elke standplaats — patroon = sneller

De twee einden van het touw

Op een multi-pitch standplaats heb je altijd twee einden van het touw:

  1. Klim-zijde: het einde waaraan de klimmer (degene die als voorklimmer verder gaat) zit ingebonden.
  2. Zekeraar-zijde: het einde dat door het zekeringsapparaat naar de zekeraar gaat.

Identificeer beide. Bij wissel: weet welke kant naar welke klimmer.

Methoden van touwbeheer

Methode 1: Stapel op richel (zie Touw stapelen op standplaats)

  • Brede richel beschikbaar.
  • Lussen op elkaar stapelen.
  • Bovenste lus rolt eerst af.

Methode 2: Saddlebag aan gordel (zie Saddlebagtechniek)

  • Hangende standplaats of smalle richel.
  • Lussen aan gordelmateriaallussen.

Methode 3: Touwzak

  • Op grondniveau standplaats (eerste lengte).
  • Touw in touwzak gepakt.
  • Niet praktisch voor hangende multi-pitch standplaatsen.

Procedure: volledige touwcyclus in een lengte

Voor de lengte begint

  1. Voorklimmer ingebonden aan het einde aan klimmerkant.
  2. Touw uitrollen vanaf saddlebag of stapel terwijl voorklimmer klimt.
  3. Zekeraar geeft touw uit door apparaat naar boven.

Tijdens de lengte

  1. Voorklimmer klimt, clipt onderweg.
  2. Touw loopt van zekeraar via apparaat omhoog, door geclipte quickdraws.
  3. Bij rust van voorklimmer: zekeraar trekt niet onnodig in — laat hangen.

Bij voorklimmer arriveert op volgende standplaats

  1. Voorklimmer bouwt nieuwe standplaats + centraal punt.
  2. Voorklimmer roept “Stand!” (vastgemaakt aan anker); de zekeraar bevestigt met “Ik maak je los” voordat hij het apparaat eraf haalt. Deze bevestiging in twee richtingen voorkomt dat de zekeraar te vroeg loslaat (gedocumenteerd door AAC als ongevalscategorie die fataal afliep). Zie Touwcommando’s voor de volledige set.
  3. Voorklimmer haalt touw in vanaf naklimmer via plaquette-apparaat.

Tijdens naklimmer omhoog

  1. Voorklimmer haalt touw in, stapelt of saddlebagt onder centraal punt.
  2. Naklimmer haalt onderweg quickdraws op.
  3. Naklimmer arriveert.

Bij wissel

  1. Bij kop over kop:
    • Naklimmer (nieuwe voorklimmer) krijgt de bovenste streng van stapel/saddlebag.
    • Oude voorklimmer wordt nieuwe zekeraar.
  2. Bij vaste voorklimmer:
    • Touw moet “andersom” — omdraaien nodig zodat zekeraar-zijde aan de kant van de voorklimmer zit.

Identificatie van touweinden

In de praktijk kun je makkelijk verwarren welke streng welke is. Hulpmiddelen:

  • Kleurtape: plak een stukje tape op één eind voor identificatie.
  • Knoop: een vlinderknoop in het midden geeft duidelijke scheiding.
  • Visueel: klim-zijde gaat van klimmergordel direct omhoog; zekeraar-zijde gaat van apparaat direct omhoog.

Touw omdraaien bij wissel (vaste voorklimmer)

Bij de strategie van vaste voorklimmer moet het touw vaak worden omgedraaid:

  • Bij aankomst van naklimmer: touwstapel ligt correct voor kop-over-kop.
  • Maar bij vaste voorklimmer wordt de kant die net naklimmer-kant was, weer voorklimmer-kant.
  • Dat betekent: hele stapel moet “omgekeerd” — onderste lus moet straks bovenop.
  • Praktisch: trek alle lussen vanaf onder naar boven en herstapel.

Met oefening 30 sec. Zonder oefening: 2+ min onhandig.

Bij meerdere touwen (halftouwsysteem)

Bij halftouwsysteem (twee touwen, voorklimmer clipt afwisselend) is touwbeheer dubbel zo complex:

  • Beide touwen apart stapelen / saddlebag aan beide gordelzijden.
  • Beide einden geclassificeerd voor klimmer- en zekeraar-zijde.
  • Bij zekeren van de naklimmer: beide touwen door apparaat.

Voor sport multi-pitch zelden — vaak voor alpine of trad.

Veelgemaakte fouten

  • Twee einden onduidelijk. Klimmer trekt verkeerde streng = touw komt verkeerd uit de stapel.
  • Stapel onder de voeten van de klimmer. Bij standplaatsbewegen wordt de stapel vertrappeld.
  • Saddlebag te zwaar. Bij 60+ m touw aan gordel: zeer oncomfortabel. Overweeg deel op richel + deel in saddlebag.
  • Geen plan bij wissel. Bij arriverende naklimmer: zekeraar weet niet welke touwzijde nu naar voorklimmer moet.
  • Te veel haast met inhalen. Naklimmer voelt strakke ruk = onaangenaam, mogelijke valanticipatie.
  • Niet anticiperen op terreinverandering. Volgende lengte is overhang en huidige standplaats is op richel = plan vooraf hoe het touw uitkomt.

Touwbeheer + materiaal samen

Standplaats heeft niet alleen touw maar ook:

  • Quickdraws (van naklimmer overgenomen).
  • Bandlussen, Cordelette.
  • Eigen + PAS-systemen van partner.
  • Overig materiaal van beide klimmers.

Plan ruimte:

  • Touw op één plek (stapel of saddlebag).
  • Quickdraws aan plank.
  • Persoonlijke spullen (water, snacks) ergens veilig.
  • PAS aan tweede ankerpunt.

Goede gewoonten

  • Op elke standplaats hetzelfde patroon: klim-zijde links, zekeraar-zijde rechts (of jouw eigen consistentie).
  • Korte check vóór wissel: “Touw OK? Materiaal compleet?”
  • Eventueel touw natraceren met je ogen: vinger op touw bij klimmer, volg tot apparaat, bevestig route.

Zie ook

Bronnen

Tekst

Afbeeldingen

Videovoorbeelden