Touwwrijving (rope drag) is de wrijving die ontstaat als het Klimtouw door tussenzekeringen loopt — vooral op zigzagroutes of bij overgangen tussen verticaal en overhang. Hoe meer knikken in het touwpad, hoe meer wrijving. NKBV gebruikt deze term. Bij veel wrijving wordt elke move zwaar, kan de zekeraar nauwelijks slap geven, en wordt een val feitelijk hard omdat de wrijving de dynamische opvang vermindert.
Schematisch overzicht voorklim met touwpad: zekeraar onderaan, twee tussenbouten op de wand, klimmer aan top. Op een rechte route loopt het touw bijna recht — minimale wrijving. Bij zigzag of overhang krijgt elke knik wrijving erbij.
Petzl-illustratie van het effect: hetzelfde touwpad van recht naar uitgesproken zigzag. Hoe meer knikken, hoe meer drag. Bij een val rekt alleen het stuk touw bóven de wrijving mee — de drag isoleert de rest van de dynamische rek, waardoor de effectieve Valfactor stijgt en de vangst harder voelt.
Snel
- Het touw moet in een zo recht mogelijke lijn lopen, van zekeraar via quickdraws naar klimmer
- Op zigzagroutes: verleng quickdraws met bandlussen
- Bij overgang van overhang naar verticaal: hoger op de route extra verlengen
- Te veel wrijving = de klimmer komt vast te zitten, de zekeraar kan geen slap meer geven
- Plan bij het Inlezen vooraf welke bouten verlengd moeten worden
Wat is touwwrijving / rope drag
Tijdens voorklim loopt het touw vanaf de zekeraar via elke geclipte quickdraw naar de klimmer. Elk knikpunt geeft wrijving. Bij weinig wrijving: het touw glijdt soepel. Bij veel wrijving:
- De klimmer moet voor elke meter trekken — vermoeidheid.
- De zekeraar voelt veel weerstand bij slap geven.
- Bij een val: wrijving slokt vangstenergie op → feitelijk een harde vangst zonder dynamische component.
- Het touw kan blijven hangen bij aflaten.
Wrijving stapelt zich op: één zigzag = klein, vijf zigzags = niet meer te doen.
Oorzaken van slechte touwwrijving
1. Zigzagroute
Bouten staan niet recht boven elkaar maar afwisselend links/rechts. Elke quickdraw in een zigzag verhoogt wrijving.
X ← bout 4
X ← bout 3
X ← bout 2
X ← bout 1
↑
klimmer
2. Overhang naar verticaal (of omgekeerd)
Bij scherpe wandvormverandering loopt het touw over een rand → veel wrijving.
3. Bouten ver van de klimlijn
Bouten zitten 1+ m opzij van waar je klimt. Elke quickdraw “trekt” het touw uit de natuurlijke lijn.
4. Korte quickdraws (10–12 cm)
Korte quickdraws geven een scherpe knik. Op rechte routes geen probleem; in zigzag wel.
Oplossing: bandlusverlengingen — alpinedraws
Verleng quickdraws met alpinedraws (extenders) op zigzagbouten. Een alpinedraw = 60 cm Dyneema-bandlus + twee snapkarabiners (geen schroef — schroefkarabiners zijn voor de standplaats).
Alpinedraw-opbouw — drie lengtes: dezelfde alpinedraw klap je in drie lengtes uit. Eén alpinedraw vervangt zo drie quickdraws van verschillende lengtes.
- In drieën gevouwen (getripled, ~15 cm): racking-stand, ongeveer een gewone quickdraw. Hang beide karabiners in de sling, steek de ene karabiner dóór de andere heen en clip die in beide strengen — er lopen dan drie strengen door elke karabiner.
- Gedubbeld (~30 cm): lichte verlenging — de sling dubbelgevouwen tussen de twee karabiners.
- Vol uitgeklapt (~60 cm): clip één karabiner in de bout, haak de andere karabiner los tot hij nog maar in één streng zit, en geef een ruk — de sling rolt open op volle lengte.
Waarom twee snapkarabiners en geen schroefkarabiner.
Een alpinedraw draagt twee gewone snapkarabiners — licht, snel te clippen, vriezen niet vast. Schroefkarabiners zijn voor de standplaats; op tussenzekeringen voegen ze alleen gewicht en gedoe toe.
Wanneer welke verlenging
- Korte quickdraw (10–12 cm): bouten recht boven elkaar (gangbare sport-quickdraws zijn ~10–12 cm kort tot ~17–18 cm medium).
- Alpinedraw verkort (~30 cm): lichte zigzag.
- Alpinedraw vol (~60 cm): sterke zigzag of overgang naar overhang.
- Bandlus 120 cm: extreme zigzag of een dak (zelden in sport, vaker in trad).
Procedure: planning touwwrijving
Vooraf (bij het inlezen)
- Identificeer de bouten en hun positie.
- Bepaal de klimlijn — waar zal het touw lopen?
- Plan welke bouten korte quickdraws krijgen en welke een bandlusverlenging.
- Hang je gordel klaar met passend materiaal:
- Korte quickdraws aan één kant.
- Bandlussen met karabiners aan de andere kant.
Tijdens de klim
- Bij elke bout: kies de juiste quickdraw.
- Bij twijfel verlengen. Een extra bandlus kost weinig moeite; vastlopen door wrijving is veel erger.
- Controleer met je ogen terwijl je doorklimt: vormt het touw een rechte lijn?
Als je wrijving opmerkt
Bij een touw dat begint te trekken:
- Volgende bout: verleng met een alpinedraw (vol).
- Bij ernstige wrijving: terugklimmen om een eerder geplaatste quickdraw te verlengen.
- Vlinderknopen of andere knopen in een belast voorklimtouw: niet gangbaar in moderne klimtechniek — een knoop in het touw brengt eigen risico’s mee (knoop-in-apparaat bij val, sterkteverlies). Verlengen via alpinedraw is de standaardoplossing.
Visueel: goed vs. slecht
Goede touwwrijving
[klimmer]
│
◯ ← bout 4 (recht)
│
◯ ← bout 3
│
◯ ← bout 2
│
◯ ← bout 1
│
[zekeraar]
Touw is bijna recht; weinig wrijving.
Slechte touwwrijving
[klimmer]
│
◯────╯ ← bout 4 (rechts)
│ knik
◯─╯ ← bout 3 (links)
│ knik
◯────╮ ← bout 2 (rechts)
│ knik
[zekeraar]
Veel knikken; veel wrijving.
Verbeterde touwwrijving met bandlus
[klimmer]
│
╲
◯ ← bout 4 (verlengd met bandlus)
│
◯ ← bout 3 (verlengd met bandlus)
│
◯─────╯ ← bout 2
│
[zekeraar]
Bandlussen brengen het touw dichter bij de klimlijn.
Veelgemaakte fouten
- Alle quickdraws even kort. Werkt prima op rechte routes; ramp op zigzagroutes.
- Verlenging vergeten “want het gaat wel”. Wrijving stapelt zich op — wat in het begin nog hanteerbaar is, wordt halverwege onmogelijk.
- Bandlus gebruikt waar een korte quickdraw hoort. Langer is niet altijd beter. Op rechte routes verspil je bandlussen die je later nodig hebt.
- Bandlus over een scherpe rand. Bandlus + scherpe rand = slijtage. Eventueel beschermen.
- Karabiner van de bandlus verkeerd om geclipt. Een bandlus heeft een eigen karabinervolgorde — let op de snapperrichting (anti-back-clip geldt ook hier).
- Niet anticiperen op overhang. Bij overgang van verticaal naar overhang: het touw drukt op de rand. Verleng vooraf.
- Te lange bandlussen op een lange route. Elke 60 cm bandlus = effectief 60 cm extra mogelijke val. Afweging maken.
Materiaalbeheer
Op sportroutes met veel zigzag heb je nodig:
- 5–10 korte quickdraws (basis).
- 2–5 bandlussen (60 cm) met karabiners.
- Soms 1–2 lange bandlussen (120 cm) voor extreme situaties.
Op je gordel: korte quickdraws aan één kant, bandlussen aan de andere kant — niet door elkaar.
Wanneer wrijving te ver gaat
Soms is een route zo slecht uitgezet dat geen verlenging genoeg is. Beslissingsmomenten:
- Wrijving pas hoog in de route: bandlus + doorklimmen meestal mogelijk.
- Wrijving al laag in de route: Bailstrategie / aflaten, en heroverweeg de aanpak.
- Wrijving op de overgang van overhang naar verticaal: vaak inherent — accepteer ‘m en verleng waar mogelijk.
Zie ook
- Quickdraw (Quickdraw)
- Bandlus (Sling)
- Een quickdraw inhangen (Clipping a quickdraw)
- Voorklim zekeren (Lead belay)
- Inlezen (Reading a route — voor planning)
- Z-clip (Z-clip — vorm van slechte touwwrijving)
- Bailstrategie (Bailing strategy)
- Anker over de rand verlengen en randbescherming
Bronnen
Tekst
- Climbing — From Toprope to Redpoint (Tyson & Sumner)
- AMGA Single Pitch Manual
- Petzl tech tip Positioning the quickdraw and clipping the rope — © Petzl (rope path, quickdraw verlenging)
- Petzl tech tip Consequences of poor rope drag management in a common fall — © Petzl (drag → effectieve valfactor, krachtmetingen)
- Alpinesavvy — How can rope drag increase your fall factor? (effectieve touwlengte, hardere vangst)
- Alpinesavvy — How to make the alpine quickdraw (opbouw alpinedraw, getripled/uitklappen)
- VDiff Climbing — Extendable Quickdraws (uitklappen, sling-keuze, elastiek-waarschuwing)
- MasterClass — Alpine Draws Guide (drie lengtes: vol 60 cm / gedubbeld 30 cm / getripled 15 cm)
- REI Expert Advice — How to Choose Quickdraws (quickdraw-lengtes 10–12 cm kort, 17–18 cm medium)
- Freedom of the Hills, 9e editie, hfst. 14