De bandknoop (water knot, tape knot) voegt twee uiteinden van platte band samen tot een gesloten Bandlus (sling). Hij ziet eruit als een overhandse knoop in band: in één uiteinde leg je een overhandse knoop, het tweede uiteinde traceer je terug door dezelfde knoop in tegengestelde richting. Vooral relevant bij band-per-meter of een noodreparatie — fabrieksgestikte slings zijn voor klimgebruik de standaard.
Bandknoop in blauw nylon platband, strak getrokken — twee strengen platband parallel door de knoop, staarten aan tegenovergestelde kanten.
Meer afbeeldingen
Bandknoop in twee kleuren — rood en blauw band parallel geknoopt, met de overhandse vorm zichtbaar en staarten aan tegenovergestelde kanten.
Stapsgewijze sequentie van het leggen van een bandknoop: van losse overhandse knoop in band A (1) tot strak getrokken eindresultaat (6) met band B parallel teruggevolgd.
Snel
- Overhandse knoop in banduiteinde A
- Banduiteinde B vanuit tegengestelde richting parallel teruggevolgd door dezelfde knoop
- Staarten minstens 10 cm aan elke zijde — band migreert onder cyclische belasting!
- Maandelijks de staartlengte controleren
- Alleen op nylon platband — NIET op Dyneema (glipt)
- Nooit een ter plaatse aangetroffen (“in situ”) bandknoop vertrouwen voor abseil
Wanneer
- Eigen bandlus knopen van platte band (rol per meter, soms in alpine context).
- Tijdelijke noodreparatie van een bandlus.
- Niet voor primair klimgebruik als er fabrieksgestikte slings beschikbaar zijn.
Vereisten
- Plat nylon band (typisch 16–25 mm). Geen Dyneema — Dyneema is te glad; de bandknoop glipt door.
- Gelijke breedte van beide uiteinden. Verschillende breedtes = onbetrouwbaar.
- Genoeg lengte voor staarten + lus + knoop
Procedure
-
Overhandse knoop in uiteinde A — niet aantrekken.
Maak een eenvoudige overhandse knoop in één banduiteinde, ~30 cm van het einde. Laat hem nog los zodat je hem kunt vormen.
-
Uiteinde B vanuit tegengestelde richting parallel teruggevolgd. Geen kruisingen tussen de twee banden — het band moet plat liggen.
Voer uiteinde B vanuit de tegenovergestelde kant terug door de overhandse knoop, exact parallel aan band A. Volg elke bocht.
-
Aantrekken — alle vier uiteinden apart.
Trek aan: A staande deel → A uiteinde → B staande deel → B uiteinde. Resultaat: compact, plat, geen torsie.
-
Staarten controleren — minstens 10 cm. Bij elk gebruik visueel controleren of de staarten nog lang genoeg zijn — niet alleen periodiek.
De bandknoop migreert onder cyclische belasting (rondtrekken bij elk gebruik). Een te korte staart kan na verloop van tijd opglippen. Dit is gedocumenteerd fataal.
-
In één oogopslag controleren — plat liggend resultaat.
De knoop ligt plat (niet 3D-gebobbeld), twee banden naast elkaar door de hele knoop, staarten aan tegenovergestelde kanten uit.
Videovoorbeelden
Meer video's
Veelgemaakte fouten
- Staarten te kort. De klassieke faalmodus — bandknoop migreert onder cyclische belasting. Minstens 10 cm, eerder ruimer (15 cm voor in-situ abseiltoepassing).
- Niet gecontroleerd na een tijdje gebruik. De knoop kruipt zichzelf los. Maandelijks controleren bij regelmatig gebruik.
- Op Dyneema-band geknoopt. Dyneema is glad; de bandknoop glipt door — gedocumenteerd door VDiff en BD QC Lab. Alleen op nylon platband.
- Verschillende bandbreedtes. De knoop houdt niet betrouwbaar bij verschil — wikkelingen liggen niet plat over elkaar.
- Banden gekruist door de knoop. Twee parallelle strengen verplicht.
- In-situ aangetroffen bandknoop vertrouwen voor abseil. Een bandknoop in een achtergelaten sling kan jaren UV-stralen + cyclische belasting hebben gehad. Gedocumenteerde fatale ongevallen door abseil op oude in-situ slings. Vervang door eigen verse band/cord. Nooit blind vertrouwen.
- Voor primair klimgebruik in plaats van een fabrieksgestikte sling. Gestikte slings hebben constante kwaliteit en geen knoopmigratie.
- Sterktereductie: ~25–40% t.o.v. ongeknoopt platband, afhankelijk van bandtype en zorgvuldigheid. Praktisch nog ruim voldoende voor klimbelasting, maar de marge wordt kleiner — geknoopt + UV-degradatie + oudere band = afkeurcriterium.
Varianten
- Fabrieksgestikte Bandlus (sling): standaard moderne keuze. Geen knoop, geen migratie.
- Beer knot: alternatieve verbinding in hollow tubular webbing waarbij één uiteinde door het andere wordt teruggetrokken. Niche, niet voor sport.
Zie ook
- Bandlus (Sling)
- Afkeurcriteria materiaal (Gear retirement criteria)
Bronnen
Tekst
- Freedom of the Hills, 9e editie, hoofdstuk over knopen
- VDiff Climbing — Water Knot: staartlengte 10 cm, migratie onder cyclische belasting, slipt op Dyneema
- Black Diamond QC Lab: Water knot migration tests
- DAV Sicherheitsforschung: Bandschlingen
- AAC Accidents in North American Climbing (ANAC): in-situ/achtergelaten slings als gedocumenteerde fatale abseil-faalmodus — o.a. Rappel Fatalities (Tahquitz, 2022) en Rappel Error — Anchor Sling Knot Came Undone (Pilot Mountain)
Afbeeldingen
- Bandschlingenknoten.jpg — Markus Bärlocher, Wikimedia Commons, publiek domein
- Animated Knots — Water Knot © Animated Knots by Grog
- Klettern knoten fuer bandschlinge.jpg — Oliver Merkel, Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0
Bandknoop in twee kleuren — rood en blauw band parallel geknoopt, met de overhandse vorm zichtbaar en staarten aan tegenovergestelde kanten.
Stapsgewijze sequentie van het leggen van een bandknoop: van losse overhandse knoop in band A (1) tot strak getrokken eindresultaat (6) met band B parallel teruggevolgd.